De gezondheid

In 1948 stelde de World Health Organisation de definitie van gezondheid op. Daarin stond genoemd:” een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet slechts de afwezigheid van ziekte”.

Tja, dat is nogal een uitspraak. Tegenwoordig gaat dat niet meer op. Heel veel mensen hebben een chronische ziekte onder de leden. Dat gegeven lijdt in de Verenigde Staten én Europa, dus ook Nederland, tot opmerkelijke cijfers met betrekking tot de levensverwachting. Die daalt. Dat betekent dat er iets aan de hand is. Al die infectieziektes zijn inmiddels goed onder controle, maar toch worden mensen over het algemeen minder oud.

ouderdom

Hoe komt dat?

Er is het een en ander veranderd in de voeding en gezondheid. Napoleon vond het heel vervelend dat de boter van zijn soldaten ranzig begon teworden in de ransel. En zo ontstond er de eerste vorm van margarine. Rundvet, afgeroomde melk en gesnipperde koeienuier. En jawel, dat verrotte niet. Later vond iemand een manier uit om olie te harden, zodat je het kon smeren. Het koeienuier verdween en er kwam geharde olie voor in de plaats. Nog iemand anders kwam met ‘boter-kleursel’. Helemaal fantastisch: een niet rottend, smeerbaar mengsel, dat lijkt op boter. En ook nog stukken goedkoper als de gewone boter. Het begin van de voedselindustrie.

Plastic voedsel

Een voorbeeld van die voedselindustrie zie je bij een grote Amerikaanse firma die je vindt langs de wegen. Die produceert voedsel wat niet verrot. Je kunt de friet gewoon wegleggen en maanden later is het niet bedorven. De bacteriën wagen zich er niet aan. Ook niet aan de hamburger. Die “voedingsmiddelen”zijn goedgekeurd voor de menselijke consumptie. In het darmstelsel leven ook heel veel bacteriën. Zij zijn verantwoordelijk voor de spijsvertering. Enig idee hoe lekker die microben die friet en hamburger vinden?

kleur en smaak stoffen

Kleur- en smaakstoffen

Het voedsel dat we eten bestaat voor een groot deel uit andere stoffen dan we denken dat er in zit. Zo, dat je nu aspergesoep uit een zakje kunt eten, waar wel 0,5 % asperge in zit. Makkelijk, dat is het wel. Beetje water erbij, roeren en klaar is de soep, zonder klonten. Maar wat eet je nu eigenlijk? Dit:

Ingrediënten na bereiding:, Bouillon (SOJA), TARWEBLOEM, zetmeel, palmvet, zout, asperge 0,5%, aroma (bevat TARWE, MELK), glucosestroop, smaakversterkers (E621, E627, E631), peterselie, MELKEIWIT, specerijen (peper, kurkuma, foelie, nootmuskaat), emulgator (E471), voedingszuur (citroenzuur)


Het smaakt als… aspergesoep van een bekend merk. Zodra je het in je mond gestopt hebt, gaat je spijsvertering ermee aan de slag. Die asperge, gewoon uit de prut vandaan met natuurlijke meststoffen erin, daar weten onze ouderwetse darmen wel raad mee. Ouderwets inderdaad, want je spijsverteringsstelsel is nog steeds hetzelfde als 60 miljoen jaar geleden. Die halve procent asperge gaat probleemloos, maar dan. Die darmen zijn niet zo goed in het verteren van de soja, tarwebloem, glucosestroop, de smaakversterkers E 621, E627 en E631, emulgator E 471 en melkeiwit.

asperge

Soepje

Zullen we eens kijken was dat soepje eigenlijk doet voor de gezondheid, qua ingrediënten:

  • die 0,5 %asperge gaat goed.
  • de soja… gewone soja is een exotisch product, maar met soja is ook heel veel gerommeld en genetisch veranderd. Als zodanig in verband gebracht met autisme, adhd, Alzheimer, bipolaire stoornis, dementie, schizofrenie en andere neurologische aandoeningen
  • de tarwebloem, die is in de praktijk voorzien van heel veel gluten. Die zorgen naast darmproblemen voor psychische problemen als wisselende stemmingen, depressiviteit en klachten aan het zenuwstelsel.
  • de glucosesiroop, dat is een van de schuilnamen van glucose-fructosesiroop. Verantwoordelijk voor leververvetting, insulineresistentie en diabetes 2
  • de smaakversterker E 621, E 621 wordt in verband gebracht met Alzheimer,Parkinson, Autisme en ADHD, overgewicht en kanker.
  • broertje smaakversterker E 627, die versterkt de eetlust en wordt in het lichaam omgezet naar urinezuur en die is verantwoordelijk voor jicht
  • en nog een jongen uit de smaakversterkingshoek: E 631, die heeft dezelfde nadelen als E 627.
  • emulgator 471. stamt uit de familie van de glyceriden en bij proefdieren zorgen die voor groei problemen,vergroting van lever en nieren, verkleining van de zaadballen en aantasting van de baarmoeder.
  • melkeiwit. Oorspronkelijk is daar niks mis mee, ware het niet dat er met die koe ook het nodige uitgehaald is, waardoor heel veel mensen de A1 eiwitten niet goed meer kunnen verdragen. Resulterend in gedrag bij ratten dat doet denken aan autisme en schizofrenie.

Tja, dan denk je een onschuldig gezond aspergesoepje te eten. Lekker makkelijk. Beetje water erbij en doorroeren. Er zit iets in, maar met voeding heeft het niet zoveel te maken. We lopen het soepje even na.

tarwe

Tarwebloem

Tarwebloem, dat zit ook in een oude bekende: ons dagelijks brood en de geliefde pasta. Dat bevat tegenwoordig een grote berg gluten. Even ter informatie: vroeger zat er 0,008 gram gluten in een kilo brood. tegenwoordig zit er 60 gram gluten in diezelfde kilo. Dat is 7500 keer zo veel. Het geeft wel een prachtig broodje. Schitterend gerezen. Heel wat anders als zo’n plat zuurdesembroodje. Maar in die gluten zit ook gliadine en daarvan gaat dat darmstelsel wederom opspelen. Dat is nu nog maar 60 miljoen jaar oud en niet helemaal ingesteld op al die veranderingen. Niet alleen de gezondheid van het darmstelsel gaat van de rel met gluten, ook psychische problemen als wisselende stemmingen, depressiviteit en klachten aan het zenuwstelsel worden eraan toegeschreven.

glucose fructose stroop

Glucosesiroop

Mamma wist het vroeger al. Als baby de spinazie niet lustte, deed je er gewoon een schepje suiker in en dan at baby het hele bordje leeg. De voedingsmiddelenindustrie kon dat ook en stortte zich op de suiker. Niet de echte suiker, maar een vervanger: high fructose corn syrup oftewel glucose-fructose-siroop of glucosesiroop of fructosestroop. Dat klinkt heel natuurlijk en onschuldig. Als een soort vruchtensuiker en dat kan niet fout zijn voor de gezondheid.

Dik worden

Allemaal kunstmatige zoetstoffen die het lichaam niet herkent als suiker en daar zou je dan ook niet dik van moeten worden. De praktijk laat iets anders zien. De fructose wordt direct omgezet in vet en rondom de lever vastgezet. Dat lijdt tot leververvetting in de eerste plaats. En overgewicht. Het lichaam herkent voorts wel de smaak ‘zoet’ en gaat vervolgens gewoon insuline produceren. Heel veel insuline en daar raken de cellen danig van in de war. Al die insuline moet zich hechten op een soort van speciale aanlegsteiger op de cel, maar die zitten allemaal al vol met insuline. Het resultaat is dat je hele hoge insulinewaardes krijgt in je bloed. Vervolgens stoppen die aanlegsteigertjes ook met hun werk waardoor de bloedsuikers steeds hoger worden. Kortom het hele lichaam is van de kaart en de gezondheid is ver te zoeken.

Diabetes type 2

Die aanlegsteigers hebben het naast suiker en zijn vervangers ook moeilijk met een koolhydraatrijke maaltijden zoals pasta, pizza, veel piepers of een rijstgerechten. Vooral als er ook nog weinig vezels in zitten en te weinig vitaminen en mineralen. Het gevolg van die doorgedraaide insulineaanlegsteigers is dat je uiteindelijk via een insulineresistentie, diabetes type 2 krijgt. Oftewel het Metabool Syndroom of Syndroom X. Daar is sprake van als je 2 of meer van de volgende symptomen hebt:

  • overgewicht, vooral buikvet en een BMI van > 30 kg/m
  • afwijkingen in de bloedvetten
  • een verstoorde glucosetolerantie
  • hoge bloeddruk (hoger dan 140/90)

Uiteindelijk is het resultaat dat er te weinig insuline is voor het te veel aan suiker in het bloed. De bloedsuikers die over zijn, worden als vet opgeslagen. Het tast de gezondheid aan door middel van vermoeidheid, energietekort, geheugenverlies en een achteruitgang van alle lichaamsfuncties en overal komen er(laaggradige) ontstekingen voor.

proefdier

Smaakversterkers

De E-nummers. Er zijn zo’n 360 stoffen aan gemerkt als E-nummer en dat betekent dat ze toegevoegd mogen worden aan je eten. Middels niet al te vriendelijke dierproeven is vastgesteld wat de ‘veilige’ dosis is van stoffen die helemaal niet in je eten thuishoren. Wat deze stoffen met elkaar doen, is niet duidelijk. Wat wel duidelijk is, is dat mensen vaak veel grotere hoeveelheden van bepaalde voedingsstoffen tot zich nemen dan wat in eerste instantie verwacht werd, zoals bijvoorbeeld frisdrank, waardoor veel meer E-nummers genuttigd worden dan wat ‘veilig’ geacht wordt.

Hartkloppingen

De algemeen gebruikte smaakstof is E 621, mono sodium glutamaat of vé-tsin. Die zit ook in ons soepje. Diezelfde E 621 zorgt voor dat je het heel erg lekker vindt en ervan door blijft eten. Je verzadigingshormonen raken van slag. Het geeft in ieder geval hartklachten. Hartkloppingen en benauwdheid en ondertussen tast het de hersencellen aan. Vooral bij baby’s in de ontwikkeling worden er fouten gemaakt in de ontwikkeling van de hersenen. E 621 wordt in verband gebracht met Alzheimer,Parkinson, Autisme en ADHD, overgewicht en kanker.

He glansmiddel E471 is meestal een mengsel van chemische stoffen die bij proefdieren verantwoordelijk is voor slechte groei,vergroting van lever en nieren, verkleining van de zaadballen en aantasting van de baarmoeder.

melk

Melk

Onze prachtige Friese koe is ondertussen ook een voedingsmiddelenfabrikant geworden. Die lieve koe weet zelf van niks, maar haar melk heeft nogal wat veranderingen ondergaan in de afgelopen eeuw. Wikipedia meldt ons dat een koe tussen de 5 en de 60 liter melk per dag geeft met een gemiddelde van 25 liter per dag. Da’s een hele plomp melk in een jaar. Door allerlei veredeling in het fokproces is er met die koe het een en ander gebeurd. Zij, die Friese koe is in ieder geval veel meer melk gaan geven. In die melk zit caso-morfine. Dat is er in verschillende soorten. Betacasomorfine-7 is nogal problematisch. De verwerking hiervan geeft het verschil tussen de Friese Holsteiner koe, de A1-koe, en de ouderwetse koe, de A2koe. A2 koeien zijn de ouderwetse koeien, zoals de Jerseykoe en de Guernseykoe, die weinig melk geven, maar wel een positief effect hebben op de gezondheid.

Ouderwetse koeien

Bij de A1 koe wordt betacasomorfine 7 afgescheiden en in de A2 koeienmelk komt deze niet voor. Deze wordt verantwoordelijk gehouden voor gedrag bij ratten dat doet denken aan autisme en schizofrenie. Dat geeft te denken. Bij kinderen met een apneu werd ook verhoogde casomorfin-7 waardes en DPP IV tekorten gevonden. In 1999 heeft een studie van de universiteit van Florida al aangetoond dat er een verband bestaat tussen casomorfine-7 en autisme en schizofrenie. Nu is de mens behept met dat nogal conservatieve darmstelsel en dat kan niet tegen zoveel verschillende caso-morfine. Heel veel mensen hebben last van A1 melk en zouden veel beter af zijn met A2 melk (en kaas en boter en karnemelk enzo) Dat wordt veel beter verteerd en geeft minder problemen met het denken en gedrag. Meer lezen?

Landbouw

Even terug naar de halve procent asperge waaraan de soep zijn naam dankt. Dat is een groente en en groenten leveren fyto-nutriënten. Die groente doet het het beste in de prut, gevoed met stront. Het is een prachtige kringloop in de natuur die ervoor zorgt dat er heel veel goede stoffen in die groente komen, die ze opnemen uit de grond waar ze in gekweekt worden. Die stoffen zijn weer heel goed voor de gezondheid van mensen. Maar die stoffen nemen in de laatste jaren steeds meer af. Daar zijn nogal wat oorzaken voor:

  • Dat zou komen door de tegenwoordige gewoonte om mest in de bodem te injecteren in plaats van eroverheen strooien. Op deze manier wordt het bodemleven flink verstoord.
  • En je kunt je afvragen wat er in die mest zit. Vee eet normaal gesproken gras en geen genetisch gemodificeerde granen. Soja en mais. De verteerde resten komen in de mest. Dat zorgt voor een compleet ander voedingsschema voor de prut waarop onze groenten gaan groeien. De kunstmest zorgt daar ook niet voor. De stikstof, kalium en fosfor die daarin zitten kunnen niet voorzien in de noodzakelijke mineralen die er nog meer in zouden moeten zitten. De wormen en consorten die in grond zorgen voor de omzetting van mest in voedingsstoffen zijn blijkbaar ook niet zo gediend van de glyfosaten etc.
  • Fruit wordt vaak onrijp geplukt en moet dan tijdens de reis nog narijpen. Dat gaat nog wel, maar het komt de voedingsstoffen niet ten goede.
  • Monoculturen. Momenteel worden er heel veel gewassen als enige geteeld op de grond. De wisselteelt die vroeger normaal was, wordt niet meer zo vaak gebruikt. Dat put de grond uit en de kunstmest vult dat niet meer aan.
  • Bewaren. Door je groenten in de koelkast te bewaren gaat de kwaliteit achteruit.
  • Verhitten. Groenten uit potten en andere verpakkingen zijn door het verhitten ook voedingsstoffen kwijtgeraakt.
  • Het veredelen. Gewassen worden mooier en groter gekweekt, maar dat komt niet altijd de kwaliteit ten goede.
bacterie

Beestjes

In gewassen leven beestjes. In de grond leven beestjes. Sommige beestjes zijn we wel blij mee. Zoals die jongens van het bodemleven. Wormen, beddepissers, duizendpoten etc. Andere beestjes die gewassen opeten zijn minder gewenst. De schadelijke insecten worden bespoten met insecticiden.

En er groeit onkruid tussen gewassen die we graag telen en onkruid willen we niet. Maar daar is het volgende voor gevonden. We spuiten er iets op en dan gaat het onkruid dood. Achteraf gezien vindt het menselijk lichaam en voornamelijk de hersenen die zooi ook niet echt lekker. De glyfosaat die gebruikt wordt, is niet zo onschuldig als gedacht en uit diverse studies blijkt dat er darmproblemen, hormonale en neurologische problemen voorkomen.

Meer lezen?

de schotse hooglander,

Vlees

Ze zitten er niet in, balletjes in de soep, maar stel dat ze er wel in zouden zitten. Hoe zit het dan met dat vlees? Wat heeft die koe of dat varken gegeten? Gras of soja, al dan niet genetisch gemodificeerd. De genetisch gemodificeerde soja bevat al de glyfosaat en die krijg je zelf al binnen als je soja eet en zeker als met GMO soja gevoerd vlees eet. Die genetisch gemodificeerde soja wordt in verband gebracht glyfosaten. Deze stof is giftig voor het lichaam. Zij kan allerlei ziekten en aandoeningen in het lichaam veroorzaken, zoals maagontstekingen, een lekkende darm, auto-immuunziekten, verschillende vormen van kanker, leverschade en hart- en vaatziekten (o.a. Pusztai et al, 2003). Glyfosaat, het verdelgingsmiddel waar GMO soja tegen bestand is, kan ook de hormoonspiegel uit balans brengen waardoor een groter risico bestaat op onvruchtbaarheid, miskramen en geboorteafwijkingen (Richard et al., 2005).

Neurologische aandoeningen

Ook kunnen glyfosaten de kans op neurologische aandoeningen zoals leerproblemen, ADHD, autisme, de ziekte van Alzheimer, bipolaire stoornis, dementie, schizofrenie en andere neurologische aandoeningen vergroten. Wetenschappers hebben aangetoond dat er een direct verband bestaat tussen het steeds groter wordende aantal gevallen van autisme en de toegenomen consumptie van genetisch gemanipuleerde soja en mais, en ook het aantal kinderen en volwassenen met chronische ziekten en aandoeningen als astma, leerproblemen en overgewicht is tot wel 25% gestegen sinds de introductie van genetisch gemanipuleerde soja op de consumentenmarkt (D’Brant, 2014). Meer lezen

Gezond Eten

“Ja maar ik eet gezond!” Wat is gezond eten? Overal zitten stickertjes op dat ze het beste en het meest gezond zijn… Ondertussen zit overal bestrijdingsmiddelen in, kunstmest, toevoegingen, kleurstoffen, smaakstoffen, gluten, casomorfines, glansmiddelen enz. Wat moet je echt kiezen.

Zelfs al lijkt het dat er niets in zit aan ongewenste middelen dan kan het er nog inzitten. Als er bijvoorbeeld “voorgekookte rijst” op je etiketje staat. Dan zie je het niet, maar zit er wel E 621 in. De rijst is er namelijk in gekookt, maar dan hoeft het niet meer op het etiket te staan dat dat gebeurd is. Etiketten lezen is dus heel belangrijk. Eigenlijk kun je alleen maar zeker zijn van wat je eet, als je het zelf verbouwt. Dat is in de praktijk niet echt simpel. De biologische winkel lost heel veel op en het is wel degelijk de moeite waard als je echt voeding binnen wilt krijgen en geen vulling. Gelukkig zijn er nu in de supermarkten ook steeds meer biologische voedingsmiddelen te krijgen.